Week 14 : Newtonmore – Pitlochry – Perth – Trimdon

Klik HIER om de foto’s van WEEK 14 te bekijken

Maandag 19 augustus : Newtonmore – Pitlochry (67,5 km)

 

Toen ik rond 7 uur wakker werd hoorde ik meteen dat het aan het regenen was. De regenbroek aan, maar de fietsgoesting zonk me wel wat in de schoenen… Bovendien dacht ik dat het traject zou tegenvallen omdat het heel de tijd dicht naast de A9 liep. Uiteindelijk viel alles veel beter mee dan verwacht en werd het zelfs een heel aangename fietsdag met boeiende stukken natuur.

 

Tot kilometer 30 ging het zacht bergop. Toen ik even pauzeerde om een fotootje te nemen van het landschap met mijn fiets als model, stopte een groep Chinezen, en voordat ik mijn foto kon nemen, zaten ze allemaal in beeld fotootjes te nemen. Gedaan, terug auto in en weg. De rust keerde weer.

 

 

De waarschuwing bij de klim naar Drumochter pas (457m) van 30 km geen voedsel of schuilplaats bleek overdreven: er was een B&B onderweg en ook een soortement treinwachtershuisje. Ik denk niet dat die bewoners een fietser in nood aan zijn lot zouden overlaten. En de A9 was vlakbij, daar zou je kunnen liften. Bovendien was de klim heel zacht. Als de stijve tegenbries er niet geweest was, zou ik nauwelijks gemerkt hebben dat het bergop ging. Er zijn al moeilijkere stukken geweest deze reis.

 

Daarna was het bijna gans het vervolg bergaf, ik heb niet veel meer moeten trappen, op twee ‘prikklimmetjes na zo’n 7 km voor Pitlochry. Helemaal zachtpeddelend bollen tot de eindbestemming mocht niet zijn.

 

De regio rond Pitlochry, in county Perthshire, lijkt me het ’s Gravenwezel en Brasschaat van Schotland. Hier zitten duidelijk de meest gefortuneerde Schotten of Britten.

Het begon met een grote vestiging van het luxueuze ‘The House of Bruar’ warenhuis, met alle Schotse en Ierse topmerken, en niet alleen voor mensen: er waren ook hondenbedden in handgeweven tweed of Harris aan 200£ voor een hond de grootte van Bik, en een Barbour kledinglijn voor honden… Gekker kan het bijna niet, er zijn toch blijkbaar heel wat mensen die met hun geld geen blijf weten… En ik maar trappen voor Cipriano… Die zijn bed is niet van Harris tweed, en het mijne (gelukkig) ook niet….

Daarna volgde Blair Castle met een groot steeple chase parcours voor paarden. Een golfterrein mocht natuurlijk ook niet ontbreken. En een aantal landhuizen langs de baan met een parktuin en uitgestrektelanderijen. Hier wonen/woonden duidelijk geen rechtenloze keuterpachtertjes….

 

Dinsdag 20 augsutus : Pitlochry – Perth (47 km)

 

Vandaag zowat het omgekeerde scenario van gisteren: het ging een zonnige en regenloze dag worden, maar in de namiddag kleurde de lucht diepdonker en werd ik overvallen door een stevige drash. Gelukkig was er net een bezoekerscentrum in de buurt waar ik me even onledig kon houden met naar alle ‘Made in PRC’ prullaria te kijken.

 

De route was veel minder tof, op het mooie erfgoeddorpje Dunkeld, met een kathedraal uit 1260, na. Voor de bouw van deze kathedraal was er sinds de 6de eeuw een Keltisch-Christelijk klooster, en ra ra wie kwam ik weer tegen? Mijn Ierse reisgezel Saint Columba uit de 6de eeuw. Zijn overblijfselen zouden hier tot de de Schotse Reformatie zijn bewaard geweest, en de kerk en Dunkeld werden een platgetreden bedevaartsoord. Daarna verhuisde dit relikwie naar Ierland.

In 1689 was Dunkeld het toneel van een gevecht tussen Jacobieten en Orangisten en werden alle huizen op drie na platgebrand.

 

Morgen moet ik richting Edinburgh, ook via een vrij drukke route. Ik overweeg de stadsagglomeratie rond Edinburgh te mijden en de trein te nemen tot Dunbar, waar ik kan aansluiten op de NC 1 Noordzee-fietsroute.

 

Woensdag 21 Augustus

 

Voilà, fiets en tassen mogen van ScotRail gratis mee. En er zijn ook liften naar alle perrons. Comfortabel reizen met fiets via openbaar vervoer.

 

Hier staan ze verder met de modal shift dan bij ons, waar je voor een fiets moet bijbetalen en waar meestal geen plek voorzien is om je fiets te plaatsen. En in Berchem station mag je fiets en bagage bovendien de trap naar het perron op sleuren.

 

Dit is de tweede keer dat ik met een bepakte fiets de trein neem. De eerste keer was in Antwerpen/Berchem. Wat een verschil.
Tx ScotRail.

 

 

Perth/Dunbar-Thorntonloch (15 km)

Not much to write about today. This afternoon in Perth I took the train to Dunbar, with one change of train in Edinburgh, and then I cycled 10 km to a campsite in Thorntonloch, located in the backyard of a nuclear power station. Therefore the sea water may be a bit warmer here….

 

Dunbar is the village where John Muir was born, a well known Scottish conservationist and geologist. I was sorry that his birth house was closed, I would have liked to visit it.

 

As far as the weather is concerned here in the Lowlands: much wind and showers. More of the same, haha, another night in a windy shaking tent.

 

The pictures pop up during the cycle trajectory. I did not record the train ride, the train did not traverse the water.

 

    Perth

    Dunbar

Tornes Nuclear Power Plant

Donderdag 22 augustus : Thorntonloch – Berwick-upon-Tweed (38 km)

 

Laatste fietsdag in Schotland vandaag. Ik bevind me momenteel 1 mijl over de grens terug in Engeland.

 

Rustige fietsdag met redelijk wat klimwerk(560m), die begon met stralend weer, en toch weer eindigde met wat gemiezer. Een heel steile afdaling tot helemaal beneden aan een baai, en natuurlijk even steil terug naar boven…. Even moeten fietsduwen, dat was lang geleden. Voor de rest allemaal fietsbare hellingen.

 

Op de camping in Berwick — weer een van de Motorhome and Caravan Club — mocht ik eerst niet binnen. Het is hier een ‘bank holiday’ morgen en alle tentplaatsen waren bezet. Ik zei dat ik moe was van het klimmen en dat er toch wel ergens op het grote terrein 3m² gras zouden moeten te vinden zijn, maar de mevrouw van de receptie was onverbiddelijk. Ik zat op een trapje naar een alternatief te zoeken, toen ik plots toch binnen mocht. Er was een man binnen gekomen die zei dat er wel ergens een stukje gras vrij was….

 

Verder merkte ik dat de tentplaatsen heel ruim bemeten zijn, ik had daar makkelijk tussen gekund, naast een andere fietskampeerder met een smal tentje. Hoe inflexibel en onwelwillend kunnen sommige mensen toch zijn…. Regelnevers.

 

Vrijdag 23 augustus : Berwick-upon-Tweed – Walkmill campsite (76 km)

 

Een stevige trek vandaag: 76 km en 540 hoogtemeters.
Het eerste stuk over de kliffen was heel de tijd over grint- of graspaden, dus ik vorderde maar aan een slakke- — of eerder kikvors — gangetje.

 

Daarom kon ik Holy Island niet bezoeken. Ik had op 2 uur maar 17 km afgelegd, en Holy Island was 13 km extra, terwijl ik er nog 60 te rijden had over een parcours dat ik niet kende. Ik heb wel lange tijd op een boomstam aan het reusachtige getijdestrand nabij Holy Island zen gezeten en daarna de taichi vorm gedaan. Zo rustig en ontspannend was het daar.


Daarna ging het redelijk fel op en neer verder over landweggetjes, maar het was heerlijk fietsen en voor het eerst sinds de Hebriden in een zomers temperatuurtje. Daardoor moest ik aan het bloemrijke stationnetje van Chathill bij de stationchef mijn waterzak gaan bijvullen. Drie liter was onvoldoende vandaag.

 

Zaterdag 24 augustus : Walkmill campsite – Whitley Bay (50 km)

 

De tocht begon met een ‘Coquette’ hindernis: om over de Coquette rivier te geraken, moest ik de fiets op vier treden van een voetgangersbruggetje heisen. Het bruggetje was maar net breed genoeg om ertussen te geraken. De rijweg ging ter hoogte van een aangelegd watervalletje dwars door de rivier, op dat punt ongeveer 15 cm diep, maar op twee wielen over een glibberig oppervlak en met redelijk wat stroming, dit durfde ik niet riskeren.

 

Na een korte stop bij Warkworth Castle (12de eeuw of eerder) volgde ik de Coquette getijdenrivier tot Amble, een gezellig kuststadje. Ik bezocht er een kreeftenkwekerij/onderzoekscentrum en nam een foto van een babykreeftje. Die krijg je normaal nooit te zien omdat ze de eerste twee jaar van hun leven onder het zand leven. De kreeftjes zaten in aparte vakjes omdat ze anders mekaar naar het leven staan. Wanneer ze volgroeid zijn wordt een inkeping gemaakt aan hun staart en worden ze in zee gezet. Die inkeping bevordert de fertiliteit en kreeften met een inkeping mogen niet aan land gebracht worden. Vissers moeten ze terug in zee werpen. Ik leerde er ook dat de kreeftgeslachten ‘hen’ en ‘haan’ worden genoemd.

 

Daarna liep het fietspad ongeveer 15 km achter de duinen met doorkijkjes naar het strand. De laatste 20 km waren minder prettig, met veel drukke wegen omdat ik Newcastle nader.

 

Ik mocht vannacht logeren in de tuin van de ouders van de eigenares van Walkmill Campsite, omdat er hier in de buurt geen tentcampings zijn. Tentkamperen is niet meer in de mode, of misschien is het niet winstgevend genoeg…

 

Zondag 25 augustus : Whitley Bay – Trimdon (51 km)

 

Eerst door de buitenwijken van Newcastle naar North Shields, rivierferry over Tyne naar South Shields, en dan een poos langs de kustweg met rechts bebouwing en links uitgestrekte graskliffen.
Overal heerste een zomers strandssfeertje, het is hier een ‘bank holiday’ maandag.

 

Het tweede gedeelte van de rit landinwaarts verliep grotendeels over voormalige spoorlijnen die vroeger de steenkoolmijnen bedienden. Midden jaren ’80 sloot Margareth Thatcher bijna alle Britse steenkoolmijnen. Ik werkte toen 3 maanden in Glasgow en maakte enkele van de mijnwerkersprotesten, aangestuurd door vakbondsleider Arthur Scargill, mee. De arbeiders waren erg verbitterd over het harde beleid van Thatcher en staakten en betoogden maanden aan een stuk. Er was ook een ruime solidariteitsbeweging met veel acties, maar het heeft allemaal niet mogen baten.

 

Sommige van die spoorpaden waren echter zo ‘ruw’ bestraat dat ik er met mijn bepakte fiets te voet over moest. Aan een fietspoortje moest ook al mijn bagage eraf omdat het te smal was. Voor de laatste 15 km heb ik mijn GPS dan maar op ‘auto’ ingesteld, of ik had nooit voor het donker de camping gehaald.

 

Klik HIER om de foto’s van WEEK 14 te bekijken